Macht via data: hoe Big Tech ons vormt

De macht van het gemak 

Een kernpunt in Beijnons onderzoek is dat de macht van platforms vaak onzichtbaar werkt. ‘Slimme’ technologieën – zoals telefoons, speakers of horloges – sturen gedrag via ontwerpkeuzes die als handig of vanzelfsprekend aanvoelen. Beijnon: ‘De meest effectieve vormen van invloed worden niet ervaren als dwang; ze worden gezien als behulpzame suggesties. Macht werkt tegenwoordig dus vaak via gemak.’ Dit wijst volgens hem op een verschuiving in de manier waarop macht werkt in digitale samenlevingen. In plaats van het gedrag van mensen te sturen via regels en beperkingen, doen de platforms dat steeds meer door de digitale omgevingen waarin beslissingen worden genomen, almaar aan te passen.

Gefragmenteerd begrip van de wereld  

Beijnon zoomde in op twee community’s: een Nederlandse community van complotdenkers en een community die alternatieven voor de mainstream sociale media ontwikkelt via Fediverse (een netwerk van onderling verbonden, maar zelfstandig draaiende sociale mediaplatforms). Hij zag dat gepersonaliseerde informatieomgevingen diepgaande gevolgen kunnen hebben voor de manier waarop mensen de werkelijkheid waarnemen. In sommige gevallen kan algoritmisch samengestelde inhoud bestaande overtuigingen versterken en bijdragen aan een gefragmenteerd begrip van de wereld.  

Tegelijkertijd zag Beijnon ook de alternatieve benaderingen van community’s binnen de Fediverse, die experimenteren met digitale omgevingen die transparantie, collectieve governance en publieke waarden vooropstellen, in plaats van data-extractie en advertentie-inkomsten.

Verder kijken dan privacy 

Het debat over technologie wordt vaak gedomineerd door zorgen over privacy, maar volgens Beijnon moeten we vooral ook kijken naar de grotere vraag hoe digitale infrastructuren de samenleving zelf aan het veranderen zijn. ‘Vragen over technologie zijn ook vragen zijn over democratie, autonomie en macht. Platforms beïnvloeden het publieke debat, sociale relaties, politieke participatie en alledaagse besluitvorming. Daarmee wordt de macht van de technologiebedrijven steeds groter en dat roept fundamentele vragen op over wie de controle heeft over de digitale omgevingen waarin het leven van vandaag de dag zich voor een groot deel afspeelt. De belangrijkste vraag is daarom niet hoe we slimmer met technologie omgaan, maar hoe we ervoor zorgen dat de digitale omgevingen waarin we leven niet door een handvol bedrijven worden ontworpen, maar door publieke waarden worden gestuurd.’